Eend op een stokje?

Iedere vogelsoort heeft een eigen geluid, en eigen gewoontes.
Heb ik altijd geleerd, maar is dat wel zo?

Er zitten nogal wat vogels in en naast het weiland waar ik loop. Diverse eendensoorten, nijlganzen, eksters, kraaien, merels, aalscholvers en kwikstaartjes. Leuk wel, dat gewemel.
De honden weten wel beter dan er achteraan te gaan. Ze mogen het niet, maar hebben inmiddels ook wel door dat die vogels kunnen vliegen en zij niet. En zinloze acties zijn precies dat: zinloos.

Eenden zwemmen, merels niet. Aalscholvers vissen en gaan dan zitten drogen op de boeipaal aan het eind van de krib. Nijlganzen eten gras en mosselen, kwikstaartjes hebben liever een malse vlieg. Eksters schelden, kraaien zitten graag ergens op, eenden zitten vanwege die zwempoten bij voorkeur op de grond. Kunnen ze ook niet af vallen.

Wie schetste dus mijn verbazing toen, op een mistige dinsdagmorgen, op de boeipaal een eend zat te kwaken. Duidelijk hoorbaar, maar niet zo duidelijk zichtbaar. Af en toe kwam er een gedempt antwoord uit het water.
Nou moet je weten dat de bovenkant van zo’n baken bestaat uit drie smalle richeltjes, dat is dus niet de geëigende plek voor een eend.  Vandaar dat ik besloot dat eens nader te bekijken.

Vanwege de mist moest ik er redelijk dichtbij zien te komen, en juist door die mist lukte dat ook zonder het beest te verjagen.
Toen ik het silhouet kon zien werd mijn verbazing alleen maar groter. Het was helemaal geen eend! Zodra hij mij gewaar werd begon hij dan ook verstoord in zijn eigen taal te krassen.
Jawel hoor, daar zat een kraai!

Ik zal wel nooit weten waarom die kraai “eends” aan het praten was. Hij was er wel goed in, getuige de antwoorden die hij kreeg.

Advertenties